Van buitenbeentje binnen de monumentenzorg naar boegbeeld van de erfgoedzorg. Ondanks alle opgedane kennis en ervaring zijn er nog steeds veel vragen rond het behoud van de relicten van ons industrieel verleden. Is herbestemming nog steeds het toverwoord of mogen objecten ook langzaam vervallen? En hoe houden we de herinnering aan de productieprocessen levend? Deze en vele andere vragen komen in dit boek aan bod.

Boek-Karel-LoeffIndustrieel erfgoed is voor velen een bekend begrip. Creatieve bedrijven, horecaconcepten en talrijke particulieren vestigden zich de laatste decennia in de gerestaureerde erfenis van ons industrieel verleden. De weg naar erkenning was echter niet zo gemakkelijk. Men vond de complexen lelijk en ontoegankelijk en velen hadden slechte herinneringen aan het werk in de fabriek. Herbestemming was evenmin eenvoudig en niet alleen vanwege de vaak aanzienlijke omvang van de bedrijfsterreinen.

Karel Loeff (1969) studeerde architectuurgeschiedenis aan de Universiteit Utrecht. Hij is thans directeur van de erfgoedvereniging Bond Heemschut en actief als zelfstandig adviseur en onderzoeker vanuit zijn eigen onderneming Monumentenadvies.nl. Loeff adviseerde gemeenten, particulieren en bedrijven over monumentaal erfgoed, waaronder ook veel ‘monumenten van bedrijf en techniek’. Hij was als projectleider betrokken bij de voordracht van de Amsterdamse grachtengordel voor de Werelderfgoedlijst van Unesco. Hij is auteur van diverse publicaties, waaronder Het monumentenboek, de studie Kathedralen van het platteland (over silogebouwen), Zeven eeuwen nijverheid aan de Roer (over het ENCI-complex in Roermond), en medeauteur van op Sporen van het verleden (over Stork in Hengelo).

Ruim geïllustreerd, de uitgave in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed tot stand gekomen.

ISBN 978 90 5997 158 5, 88 p., € 12.50, vraag er naar in de boekhandel.

Tagged on: